Probleem op deze pagina?

Project: Meer HEB door DSM

TETRA: Technologie-transfer gerichte projecten door instellingen van hoger onderwijs
01/10/2009
01/10/2012

• Twee uitgewerkte testopstellingen om mogelijkheden van vraagsturing aan te tonen
o Testopstelling 'KHKempen', gericht op fotovoltaïsche energie
o Testopstelling ‘KHIM’, gericht op warmtekrachtkoppeling
• Matrix welke last op welke energiebron afstembaar is (Generisch/vuistregels)
• Een draaiboek dat beschrijft hoe de regelstrategie (of een variant daarvan) kan geïmplementeerd worden in een bestaande installatie. Dit draaiboek bevat alle mogelijke aandachtspunten aangaande de lasten, de lokale productie, het energiemanagement systeem,…. Aangezien elke situatie anders is, beschrijft dit draaiboek welke parameters de grootste invloed hebben op het eindresultaat zodat de gebruiker van het draaiboek via deze parameters de installatie kan optimaliseren.

• Eindgebruiker
In eerste instantie worden KMO's beschouwd die een (hernieuwbare) productie-installatie willen plaatsen die groter is dan 10 kW. Voor mogelijke bedrijven die als eindgebruiker voordeel uit deze technologie kunnen halen, denken we aan: grotere gebouwen waar zowel nood is aan airco als elektrische warmte, bedrijven met grootschalige batterij-opslag (heftrucks, andere elektrische voertuigen in toekomst) en grootschalige koel- en vriesinstallaties.

• Producenten, leveranciers en installateurs van HEB:
Voor deze partijen is het interessant om de klant de mogelijkheid te bieden de rentabiliteit van hun installatie te verhogen en op een economische manier een grotere installatie te plaatsen. Dit resulteert in een omzetverhoging.

• Leveranciers van energiemanagement systemen:
Deze doelgroep kan de projectresultaten rechtstreeks valideren en een innovatief concept toevoegen aan het toepassingsgebied van hun huidige systemen nl: het optimaal inzetten van lokale energieproductie bij hun klanten en het optimaal afstemmen van het lokale energieverbruik op deze productie.

Huishoudelijke gebruikers met een hernieuwbare productie-eenheid kleiner dan 10 kW mogen gebruik maken van een “compenserende kWh-meter” of terugdraaiende teller. De energiebalans wordt enkel op jaarbasis gemaakt. Dit wil zeggen dat geleverde en aangekochte elektriciteit even duur zijn. Bovendien is er geen probleem wanneer levering en verbruik van de energie niet synchroon gebeuren: het net mag immers gratis als buffer gebruikt worden. In een mededeling beklemtoont de VREG (Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt) echter dat dit niet het geval is voor gebruikers met een productie-installatie groter dan 10 kW. Bij deze installaties is een compenserende teller verboden. Injectie en afname moeten apart gemeten worden. Dit heeft als gevolg dat het niet synchroon lopen van vraag en aanbod slechtere terugverdientijden creëert omdat het overschot aan elektriciteit slechts tegen 30 tot 40% van de prijs van de aangekochte elektriciteit kan verkocht worden . Tenminste als men al een koper vindt. De elektriciteitsvolumes zijn immers te klein en de productieprofielen te grillig. In het geval de eigenaar van de decentrale productie-eenheid geen aankoper heeft voor zijn overtollige elektriciteit wordt door de distributienetbeheerder onherroepelijk afgeschakeld bij overproductie. Dit maakt dat middelgrote decentrale productie-installaties meestal geen goede business case hebben. Voor de zeer grote installaties is dit anders omdat de investering per geïnstalleerde kW beduidend lager ligt en een geïnteresseerde koper voor de overtollige energie makkelijker te vinden is.
De eindgebruiker (KMO) wil zijn productie-installatie zo economisch mogelijk uitbaten (maximale financiële opbrengst). Dit vertaalt zich gezien bovenstaande context in het zo weinig mogelijk injecteren in het net. Idealiter wordt de geïnjecteerde energie tot nul gebracht. In dat geval moet geen leverancier gezocht worden voor de geproduceerde energie.

Door vraag en productie beter op elkaar af te stemmen kan men 3 doelstellingen realiseren:
1. de installatie voor hernieuwbare energie (HEB-installatie) wordt economisch interessanter voor de uitbater en kan in veel gevallen groter gedimensioneerd worden.
2. De DNB’s hebben minder problemen met de spanningsprofielen van de netten, waardoor meer HEB gekoppeld kan worden (vermijden van afschakelen van PV-installatie door te hoge spanning).
3. Het biedt een boost in de realisatie van de Europese 20/20/20 doelstelling tegen 2020 .

De scoop van dit TETRA-project is te onderzoeken welke lasten geschikt zijn voor demand side management om ofwel het grillige productiepatroon van de zon te volgen bij gebruik van PV ofwel het vraagprofiel uit te vlakken bij gebruik van WKK. Belastingen geschikt voor DSM zijn hoofdzakelijk processen met een grote traagheid. We focussen hierbij dan ook voornamelijk op de koel – en verwarmingstoepassingen. Meetcampagnes op installaties in onze labo’s of in the field en business cases moeten de energetische en economische haalbaarheid aantonen en valorisatie naar het breder werkveld ondersteunen.

KH Kempen, KH Lim
KH Kempen
Vito, KULeuven, vreg, vei, Porta Capena, Ineltra Systems, LTSuntec, 3E, Cogen, Colruyt, Natec, Siemens, Trieco, Thenergo, SPE
Bert Vande Meerssche
Building Automation Software, Electrical Engineering en Technologie / Elektrische apparatuur, Energiemanagement, Smart Appliances, Verwarming, ventilatie, Warmtepompen, koelingtechnologie, Zonneënergie Thermische energie
Bert Vande Meerssche, Joachim Verhelst
Hans Haagdorens, Bert Bellens (Werken en Leren vzw)
http://meerhebdoordsm.khk.be
Share this on